This SlideShowPro photo gallery requires the Flash Player plugin and a web browser with JavaScript enabled.

Annemiek Vera

Claiming Identity

Annemiek Vera

Jong, energiek, vrolijk en sprankelend zijn zondermeer de termen waarmee mensen Annemiek Vera zullen beschrijven bij een eerste ontmoeting. Als ze haar wat beter leren kennen zullen daar de termen gepassioneerd, betrokken en menslievend in een adem aan worden toegevoegd. In haar werk staat de mens centraal. Vera gaat te werk als een archeoloog. Met spatel en kwast probeert ze het verborgene voor ons zichtbaar te maken, het van een betekenis te voorzien en onze ogen voor de schoonheid ervan te openen. Vooral de kwetsbare en gevoelige zijde die de mens soms onwillig toont, inspireert haar. In haar eigen statement over haar werk benoemt ze het als volgt: "De mens staat centraal, in mijn schilderijen wil ik de innerlijke wereld van de mens vangen." Het resultaat zijn bezielde portretten, gemaakt met de intentie de ongrijpbare psyche zichtbaar te maken. Of zoals Giorgio de Chirico het al verwoordde: "Het kunstwerk moet iets vertellen dat zich niet in de zichtbare vorm ervan vertoont."

Via haar werk wil Vera uitdrukken dat mensen meer zijn dan hun 'uiterlijk behang'. Ze citeert wat Hippolyte Taine over Leonardo da Vinci heeft geschreven: "Zijn figuren drukken niet te bevatten gevoeligheid uit en lijken ongelooflijk vergeestelijkt, ze stromen over van onuitgesproken ideeŽn en gevoelens." Dat is waar Annemiek naar streeft.

Grote portretten maakt Vera. Portretten die niet het uiterlijke maar het innerlijke proberen weer te geven. Geschilderd vanuit het humanistisch ideaal, streven ze ernaar vooral het kwetsbare en positieve in de mens te laten zien. "Veel van onze innerlijke kwaliteiten of gemoedstoestanden houden we verborgen omdat we bang zijn daardoor niet te kunnen zijn wat we denken dat anderen van ons willen zien. We willen niet anders zijn dan de rest, uit de angst dat dat anders zijn het onmogelijk maakt verbindingen met anderen aan te kunnen gaan. We functioneren vanuit onze gedachten; Hoe gedraag ik me? Wat moet ik zeggen? Wat zijn de normen waar ik aan moet voldoen?"

Haar ruime atelier is gevestigd in een anti-kraakpand aan de rand van het Utrechtse centrum. Bij binnenkomst is ze verhit aan het werk. "Het gaat lekker," zegt Vera lachend met haar blauwgrijze ogen; "Ik ben geÔnspireerd bezig, ik vind het fijn naar de deadline voor deze tentoonstelling toe te werken." De schilderijen voor de hot prospects' tentoonstelling staan in rijtjes tegen de muur. Daartussen tafels, stoelen en kisten vol schildersmaterialen. Kwasten, tubes, en zakken met pigment. "Ik maak bijna altijd mijn eigen verf," zegt Vera terwijl ze haar grote collectie zakken en potten met pigmenten laat zien. "Het karakter of het gevoel dat ik wil uitbeelden probeer ik ook via het materiaal tot uitdrukking te brengen. Als iets kwetsbaarbaarheid of onzekerheid moet weergeven kies ik eerder voor transparantere materialen en technieken dan als ik iets moet weergeven dat kracht of duidelijkheid moet uitdrukken. Aquarel, glazig, transparant en vloeiend staat bij mij voor de kwetsbare kant. Acryl gebruik ik voor het zelfverzekerde en het zelfbewuste. Ik werk vaak heel gelaagd. Vaak schuur ik lagen ook weer weg, om de onderliggende lagen weer bloot te leggen. Omdat een mens vaak meerdere emoties en gevoelens tegelijkertijd heeft, bijvoorbeeld afwerend en beledigd of verlegen en kalm, gebruik ik diverse materialen en technieken door elkaar. Die dualiteit van de ziel blootleggen vind ik mooi, dat spreekt me bijvoorbeeld ook zo aan in het werk van Rembrandt. Ook bij het kijken naar portretten van dit soort oude meesters blijf ik de mens achter de geportretteerde zien en zoeken. Op de wanden zijn songteksten geschreven en geschilderd. 'Ik schilder altijd op muziek', de juiste muziek kan me in een ritme of schildertrance brengen, dat werkt heerlijk." Naast haar carriŤre als beeldend kunstenaar is Vera docente aan de Academie in Utrecht. Ze vertelt graag en enthousiast en neemt haar gehoor mee in haar ideeŽn over kunst en haar bronnen van inspiratie.

Haar eerste atelier en haar vroege werk is verloren gegaan bij een brand aangestoken door een psychiatrisch patiŽnte. Ze ziet het als een bijna niet te geloven toeval. "Het was bizar, want mijn hele werk, ook tijdens mijn academieperiode, is verweven met de psychiatrie. De brandstichtster, Corry, leed aan deliria en had een alcoholprobleem, ze woonde onder toezicht. Op kerstavond drong ze mijn atelier binnen. Door het vuur dat ze aanstak om zichzelf te verwarmen brandde mijn atelier af. Dat is het soort vrouw dat ik later op de Willem Arntzhoeve ben tegengekomen. Ik was alleen nu de sjaak. Ik was niet boos, ik dacht vooral 'wat verdrietig, zo te moeten leven en zo op zoek zijn naar warmte'. Niemand kiest voor zo'n leven, dat besef verzacht je blik."

In 2007 werkte Annemiek drie maanden als Artist in Residence in "Het Vijfde Seizoen" op het terrein van de Willem Arntzhoeve, een psychiatrisch centrum. Iedere woensdag hield ze er open atelier. Ze nodigde de cliŽnten uit hun eigen werk te laten zien of toonde haar eigen werk. In het historisch archief van Den Dolder gevestigd op de hoeve werd ze getroffen door oude foto's van psychiatrische patiŽnten die rond 1900 gefotografeerd waren door psychiater F.S. Meijers. "De manier waarop die mensen gefotografeerd zijn, zo objectmatig, alsof ze geen identiteit hebben, geen bestaansrecht, dat shockeerde mij. Natuurlijk, rationeel was het allemaal bedoeld om meer kennis over die mensen te verkrijgen, maar gevoelsmatig vond ik het zo eenzaam voor die mensen. Ik vond dat echt zo heftig dat ik dacht, hier wil ik wat mee, deze mensen wil ik een eerherstel geven. Een nieuw bestaansrecht. Via mijn schilderijen kan ik ze een andere identiteit bieden. Dus ik ben schilderijen gaan maken, ook naar aanleiding van een dichtbundeltje dat ik in die zelfde doos vond. 'Overpeinzingen' van mevrouw Tesch-Poeschmann heette het. Zij was invalide en heeft daar ook opgesloten gezeten en zij schrijft dan zinnen als "Wanneer ik oud zal zijn [...]/ Sluit mij dan niet in tusschen enge muren [...]/ Gun mij den blik op wijde winterwegen". Daar zat voor mij zo'n vraag in van gun mij een bestaansrecht. Met het vinden van die foto's en deze dichtbundel heb ik mijn werkperiode daar 'Overpijnzingen' genoemd."

Na de intensieve periode in de Willem Arntzhoeve gaat Vera over op andere onderwerpen maar het bij een ieder doorschemerende gevoelsleven blijft haar thema. Ze gebruikt daarvoor meestal mensen uit haar directe omgeving als model. Zo ensceneert ze dikwijls foto's met vrienden. Als inspiratie gebruikt ze ook vaak oude foto's uit haar eigen familiealbums. Soms gebruikt ze oude foto's die ze al speurend op rommelmarkten en in oude bladen vindt. Ze schuwt in haar werk niet het gebruik van symbolen uit het verre verleden. De vazen die regelmatig als attribuut in haar werken voorkomen staan symbool voor de psyche en verwijzen naar het vat of de doos van Pandora. De molensteenkraag symboliseert een last die op de schouders rust. Met overgave schildert Vera haar grote portretten. Schilderijen die niet het uiterlijk maar het innerlijk proberen weer te geven. Gemaakt vanuit het humanistisch ideaal toch vooral het kwetsbare en positieve in de mens te blijven zien. "Claiming identity is een tentoonstelling waar ik een serie werk laat zien waarin de afgebeelden hun kwetsbaarheid tonen, authentiek zijn en zich centreren binnen een vlak. 'Kijk naar mij. Dit ben ik' - ze eisen hun identiteit op. We zijn koningen in het verbergen waar we ons kwetsbaar in voelen. Terwijl je eigen kwetsbaarheid, je innerlijke kwaliteiten ons tot een - IK - maakt, tot een uniek individu."

Tekst Frank Welkenhuysen & Emy Koopman